Hoogbegaafde autist overleeft in een niet-autistische wereld

In de hulpverlening is het helemaal hot en trendy: de ervaringsdeskundige — de cliënt die vanuit zijn ervaring als cliënt wordt ingezet binnen de organisatie om zo de dienstverlening te verbeteren. Maar moeten we daar blij mee zijn?

Het antwoord op bovenstaande vraag is simpel: Ja. Maar niet altijd.

Van ja-knikker tot ervaringsdeskundige

In de afgelopen decennia is er veel veranderd in de hulpverlening. De cliënt begon ooit als brave ja-knikker, want de hulpverlener had tenslotte gestudeerd voor hulpverlener en wist het ‘dus’ beter. Vervolgens werd de cliënt mondig en wilde terecht inspraak in welke pillen, therapieën en andere behandelingen ingezet zouden worden.

Nog wat later sloeg de bezuinigingswoede van de overheid met ongekende heftigheid toe en werd de cliënt gereduceerd tot inkomstenbron voor de hulpinstanties. De cliënt werd als een balletje in een flipperkast heen en weer gemept van de ene instantie naar de andere, alwaar hij telkens wel geregistreerd werd (kassa!) maar niet geholpen. Dat gebeurt nu nog steeds, maar ergens onderweg kreeg iemand een briljante ingeving.

De geboorte van de ervaringsdeskundige

Ergens in hulpverleningsland bedacht iemand dat veel cliënten vaak jarenlang de deur platlopen bij hulpinstanties en dus vrij goed kunnen aangeven hoe andere cliënten met vergelijkbare problematiek het beste geholpen kunnen worden. Als we die nou eens in gaan zetten om andere cliënten te helpen en daarmee de professionele hulpverlener te ontlasten?

Bovendien zouden ze kunnen aangeven waar het schort in de hulpverlening, zodat de hulpinstanties hun hulpverlening zouden kunnen verbeteren.

De ervaringsdeskundige was geboren.

Iedereen blij. Of toch niet?

Daar leek iedereen beter van te worden. Nieuwe cliënten waren blij hun verhaal kwijt te kunnen aan iemand die hun ellende zelf ook had meegemaakt; dat praat aanzienlijk makkelijker dan tegen een hulpverlener met goede intenties, een professionele begrip-volle blik in de ogen maar zonder de ervaringen van de cliënt zelf.

De hulpinstanties waren blij omdat de professionele hulpverlener ontlast werd en zich daardoor bezig kon gaan houden met dat deel van de hulpverlening dat niet door de ervaringsdeskundigen zelf gedaan kon worden.

De overheid ging zelfs de inzet van ervaringsdeskundigen stimuleren.

Wel de lusten, niet de lasten

Desalniettemin schort het aan erkenning van ervaringsdeskundigen, hun inzichten en kwaliteiten. Deels komt dat doordat niet iedereen in de hulpverlening doordrongen is van het nut van ervaringsdeskundigen, deels ook doordat sommige hulpverleners de ervaringsdeskundige als een bedreiging voor hun eigen positie zien, en tot slot ook nog door bezuinigingen — diezelfde bezuinigingen waar het begrip ‘ervaringsdeskundige’ nou juist door ontstaan is.

Dat laatste betekent dat ervaringsdeskundigen veelal veroordeeld zijn tot vrijwilligers-werk. Hulpinstanties willen graag gebruik maken van ervaringsdeskundigen — maar dan wel onder één voorwaarde: gratis.

Wanneer je aangeeft je ervaringsdeskundigheid in te willen zetten wordt enthousiast gereageerd. De rode loper wordt nog net niet voor je uitgerold maar de koffie staat al klaar als je binnenkomt. Van alles willen ze je laten doen: voorlichting aan cliënten en hulpverleners, presentaties, workshops, intakes, begeleiden van andere cliënten. Het enthousiasme spettert er aan alle kanten vanaf!

Tot je vraagt waar je de rekening heen kunt sturen.

Erkenning

Op dat moment is het afgelopen. Hulpinstanties willen graag gebruik maken van alle kennis en ervaring van hun cliënten, als het maar geen geld kost. En dat is kwalijk. Zeer kwalijk.

Veel ervaringsdeskundige cliënten willen zich graag inzetten voor anderen. Maar dan verrichten ze wel arbeid. Net als de professionele hulpverleners zetten ze hun kennis en ervaring in, en net als professionele hulpverleners horen ze daar ook normaal voor betaald te worden. Door dat niet te doen zeg je in feite tegen een ervaringsdeskundige dat hij of zij niet voor ‘vol’ wordt aangezien.

Als ervaringsdeskundige word je daardoor niet gezien als volwaardig teamlid maar als goedbedoelende hobbyïst. Ervaringsdeskundigen verdienen beter dan dat.

Dus, dames en heren in de hulpverlening: geef de ervaringsdeskundige de erkenning die hij verdient! Dat kost geld, maar uiteindelijk worden uw cliënten daardoor sneller en beter geholpen en bespaart u meer dan die ervaringsdeskundige kost.

Zie de ervaringsdeskundige niet als een bedreiging voor de professionele hulpverlener maar als een waardevolle aanvulling.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Nieuwste column
Politie Eindhoven weigert lastige vragen te beantwoorden
Dat het Openbaar Ministerie niet gediend is van 'lastige' vragen wisten we al. Bij de politie heerst echter dezelfde mentaliteit.
Lees verder...
Nu verkrijgbaar!
Fictie
Na de non-fictie ben ik mij nu ook gaan wijden aan het schrijven van (Engelstalige) fictie.
Lees hier verder