Hoogbegaafde autist overleeft in een niet-autistische wereld

Op 26 augustus wees het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch vonnis in een zaak waar ook Bureau Jeugdzorg bij betrokken was. Gezien mijn zeer ruime ervaring met de toga’s in het Paleis van Justitie in ‘s-Hertogenbosch was de verwachting dat het Hof zich haar uitspraak zou laten dicteren door BJZ. Het Hof bleek voorspelbaar.

In eerste aanleg ging de zaak over vier aangiften tegen mij uit 2012. De in Eindhoven woonachtige Duitse crimineel ‘X’ had aangifte gedaan van doodsbedreiging en stelsel-matige belaging, daarnaast was door gezinsvoogd Wil van Ham (Bureau Jeugdzorg Eindhoven) aangifte gedaan van smaad en van het vernielen van een ruit in het pand van BJZ.

Schorsende voorwaarden

In 2012 werd ik aangehouden. Na vier dagen in een politiecel werd mijn voorlopige hechtenis onder een hele serie voorwaarden geschorst, met onder meer een gebieds-, contact- en uitlatingsverbod jegens ‘X’ en ‘behandeling’ door de GGzE.

Waarvoor wat ik dan ‘behandeld’ zou moeten worden werd er niet bij vermeld.

Rechtbank: gedeeltelijke vrijspraak

De Rechtbank achtte vorig jaar de belaging en de vernieling niet bewezen en sprak mij daarvan dan ook geheel terecht vrij. Ondanks het volledig ontbreken van enig steekhoudend bewijs achtte de Rechtbank de doodsbedreiging en de smaad echter wel bewezen en veroordeelde me tot vier maanden voorwaardelijke celstraf, waarbij alle eerdere schorsende voorwaarden er nog onder werden geplakt, plus een aan ‘X’ te betalen schadevergoeding ad. € 300 (plus pakweg een jaar aan wettelijke rente) voor vermeende immateriële schade welke ze geleden zou hebben. Ze had € 2.500 geëist.

Ook nu weer verplichte ‘behandeling’ door de GGzE, en ook nu weer geen woord over waarvoor ik dan behandeld zou moeten worden.

Slachtofferverklaring 1

‘X’ verscheen zelf niet ter zitting maar had wel een ‘slachtofferverklaring’ ingediend met een extreem hoog zieligheidsgehalte, waar haar zorgvuldig gecultiveerde slacht-offerrol en haar theatrale persoonlijkheidsstoornis vanaf dropen. Traditiegetrouw ontbrak de onderbouwing van haar beweringen. Als we het verhaal zouden moeten geloven zou ‘X’ door mijn toedoen een compleet psychisch wrak zijn geworden. De Officier van Justitie vertelde dat ze telefonisch contact had gehad met ‘X’; toen ik haar vroeg of ze dan ook geïnformeerd had bij welke psycholoog of psychiater ‘X’ (gezien haar gesuggereerde psychische toestand) onder behandeling was, sloeg de paniek toe. Die vraag had ze kennelijk niet verwacht…

Alles wijst er op dat die ‘slachtofferverklaring’ in nauwe samenwerking met politie, justitie en Bureau Jeugdzorg opgesteld was om zo een ‘onderbouwing’ te hebben voor een veroordeling.

Rammelende bewijslast

De veroordeling was weer eens zo’n zaak waarin de uitspraak niet door de Rechtbank maar door Bureau Jeugdzorg bepaald werd. Ik heb de afgelopen jaren al meerdere rechtszaken meegemaakt (zowel civiel- als strafrechtelijk) waar BJZ bij betrokken was, maar ik moet de eerste nog meemaken waarbij Justitie meer waarde hecht aan bewezen feiten dan aan de doorgaans niet-onderbouwde mening van gezinsvoogden van BJZ en (voor zover ze bij een zaak betrokken is) de zorgvuldig gecultiveerde en regelmatig met gevoel voor melodrama ten tonele gevoerde slachtofferrol van ‘X’.

Doodsbedreiging

De vermeende doodsbedreiging bestond er uit dat ik volgens gezinsvoogd Frans Stark van Bureau Jeugdzorg Eindhoven zou hebben gedreigd ‘X’ “met een hakbijl de kop in te slaan”. Toen deze vermeende uitspraak gedaan zou zijn was ‘X’ daar zelf overigens niet bij aanwezig, zodat hier enkel sprake is van ‘van horen zeggen’.

Maanden later werd opeens een tweede getuige opgevoerd, gezinsvoogd Yolande van Meurs. Kennelijk had bij de politie iemand zich het juridische principe unus testis, nullus testis—één getuige, geen getuige—herinnerd.

Frans Stark en Yolande van Meurs werden door de politie telefonisch gehoord. Uit het proces-verbaal van verhoor bleek dat ze zich de precieze datum van de zogenaamde bedreiging niet wisten te herinneren en exact dezelfde woorden gebruikten om mijn vermeende uitspraak weer te geven. Ook dat maakt het verhaal volledig ongeloof-waardig, wanneer getuigen exact hetzelfde verklaren is dat immers een duidelijke indicatie dat hun verklaringen vooraf op elkaar afgestemd zijn.

Bovendien is het menselijk geheugen verre van perfect en is het dus absoluut niet geloofwaardig als twee mensen, maanden na dato, exact dezelfde opmerking citeren, tot op de laatste lettergreep nauwkeurig.

Het telefonische verhoor bleek ook wel heel erg kort (het proces-verbaal van verhoor besloeg slechts een halve pagina A4) en nogal sturend te zijn. Duidelijk niet gericht op het verkrijgen van de waarheid dus, maar op het produceren van ‘bewijsmateriaal’ om mij veroordeeld te krijgen.

De reden voor deze wraakaangifte: het feit dat ik mijn mond niet wilde houden over de betrokkenheid van onder andere ‘X’, Stark en Van Meurs bij de ontvoering van en moord op twee kinderen eerder dat jaar.

Smaad

De aangifte wegens vermeende smaad was weer een typisch geval van wraakaangifte door Bureau Jeugdzorg. Ik had namelijk een klacht tegen Van Ham ingediend met een stuk of tien punten, waaronder de verdenking dat hij door ‘X’ omgekocht was. Ik heb daarbij de toch alleszins redelijke eis gesteld dat hij vervangen zou worden door een gezinsvoogd welke niet om te kopen zou zijn.

Bij Bureau Jeugdzorg beschouwt men echter per definitie elke kritische opmerking als belediging, smaad, laster en/of bedreiging, en dus deed Van Ham aangifte van smaad. In dezelfde periode deed ik aangifte deed tegen hem wegens smaadschrift en tal van zwaardere misdrijven, vreemd genoeg echter werd zijn aangifte wel in behandeling genomen maar de mijne na twee jaar en drie leugens van de politie zonder onderzoek geseponeerd. Meer over deze doofpotkwestie leest u in het artikel ‘Dossier Corruptie: Politie Eindhoven (1)‘ en andere artikelen onder de kop ‘Dossier Corruptie’ in de rechterkolom.

Hoger beroep

Met de vrijspraak op twee punten had ik uiteraard geen moeite, met de veroordeling op twee andere punten wel. Ik ben immers onschuldig, en het is absurd is dat ik aan iemand die mijn leven totaal verwoest heeft en al zes jaar—met de zeer welwillende medewerking van onder meer politie, justitie en de jeugdzorg—een Oorlog der Totale Vernietiging tegen me voert een schadevergoeding zou moeten betalen! En dus ging ik in hoger beroep.

Showproces

Conform verwachting was de zitting een showproces, met als theatraal hoogtepunt (of dieptepunt) het op zeer dramatische toon voorlezen van een lange verklaring door ‘X’ waarin ze wederom op overtuigende wijze blijk gaf van haar theatrale persoonlijk-heidsstoornis, en liet blijken zich nog altijd te wentelen in haar slachtofferrol. Deze keer echter geen zielig verhaaltje over vermeende psychische klachten maar over hoe mijn gedrag er toe zou leiden dat haar werkgever opdrachten mis zou lopen.

Ook deze ronde schitterde de onderbouwing uiteraard weer door afwezigheid, maar net als de Rechtbank stelde ook het Gerechtshof (in casu mr. K. van der Mijde, mr. J. Platschorre en mr. J.G. Sillevis Smitt) geen kritische vragen. De hechte band met hun vriendjes bij Bureau Jeugdzorg moet tenslotte wel beschermd worden.

Het Hof deed weliswaar moeite de schijn op te houden dat men naar alle argumenten luisterde, doch toen de uitspraak binnenkwam bleek men zich toch volledig te hebben laten leiden door ‘X’ en Bureau Jeugdzorg. Het eerdere vonnis van de Rechtbank werd in stand gehouden en nog aangevuld met omzetting van een eerdere voorwaardelijke celstraf van twee weken in een onvoorwaardelijke celstraf, overgehouden aan een eerdere onterechte veroordeling op basis van een bij elkaar gelogen wraakaangifte.

Per saldo…

Per saldo heb ik nu dus een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken, vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar (maar Bureau Jeugdzorg en ‘X’ kennende zullen ze ongetwijfeld wel weer een aangifte bij elkaar verzinnen om er een onvoorwaardelijke vier maanden van te maken—ik ben niet aansprakelijk voor de consequenties daarvan), moet ik als slachtoffer van terreur aan een van de daders een schadevergoeding van ruim € 300 betalen (welke ik niet heb, voor schade die ze niet geleden heeft), en moet ik verplicht (poliklinisch) ‘behandeld’ worden bij het TBS-Konzentrationslager ‘De Woenselse Poort’ van de GGzE zonder dat iemand weet voor wat, maar kennelijk huldigt Justitie het standpunt: “In de Sovjet-Unie deden ze dat ook met dissidenten, dus kunnen wij het ook”.

Met de veroordeling wegens smaad bevestigt het Hof dat zij het standpunt deelt zoals dat in mei 2012 al door team manager jeugdbescherming Peter Rovers van Bureau Jeugdzorg Eindhoven werd verwoord: “Je mag wel een klacht indienen, maar je mag niemand beschuldigen”. Bij een klacht beschuldig je echter per definitie iemand van iets, feitelijk wordt met deze uitspraak dus bepaald dat het indienen van een klacht een misdrijf is en je daarvoor dus strafrechtelijk vervolgd kunt worden.

Aardig detail daarbij is dat een aangifte in prinipe ook een klacht is, zij het eentje met potentieel zwaardere consequenties, en dus feitelijk gesteld kan worden dat wanneer iemand aangifte tegen je doet, je tegen de aangever aangifte zou kunnen doen wegens smaad(schrift) dan wel laster. Ook in dat geval is immers sprake van het maken van negatieve opmerkingen over iemand “met het kennelijke doel om daaraan ruchtbaar-heid te geven” (art. 261 Sr).

Voorts omvat het arrest ook nog de voortzetting voor twee jaar van een al ruim twee jaar durend gebieds-, contact- en uitlatingsverbod jegens onder andere ‘X’ (dit in het kader van het clandestiene daderbeschermingsproject van Justitie), mede om de al genoemde tweevoudige kinderontvoering en kindermoord in de doofpot te houden.

Gaan we het arrest nog verder samenvatten, dan komt het in feite neer op een verbod op het bekritiseren van Bureau Jeugdzorg en een afschaffing van het grondwettelijke recht op vrijheid van meningsuiting (een uitspraak welke ruim twee jaar geleden ook al eens door voorzieningenrechter Van Roosmale-Nepveu gedaan is).

Ieder verhaal heeft twee kanten. Het geeft te denken dat politie, justitie, reclassering en jeugdzorg al jarenlang alle mogelijke moeite doen om te voorkomen dat mijn kant van het verhaal naar buiten komt….

Twee woorden

De hele kwestie kan feitelijk met slechts twee woorden beschreven worden:

CORRUPTIE en CASSATIE

 

Niet dat ik de illusie beb dat die cassatie iets op zal leveren, gezien de corruptie binnen Justitie, maar de overheid wil kennelijk graag zoveel mogelijk geld aan me uitgeven en dan ben ik niet te beroerd om te zorgen dat ik meer kost dan ik aan belasting betaal.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Nieuwste column
Politie Eindhoven weigert lastige vragen te beantwoorden
Dat het Openbaar Ministerie niet gediend is van 'lastige' vragen wisten we al. Bij de politie heerst echter dezelfde mentaliteit.
Lees verder...
Nu verkrijgbaar!
Fictie
Na de non-fictie ben ik mij nu ook gaan wijden aan het schrijven van (Engelstalige) fictie.
Lees hier verder